Graafse Meedenkers: Raad van State en boomkwekerijen en andere zaken.

GraverMaat: Wil Baaijens heeft de afgelopen tijd op de van hem bekende wijze het beleid rond boomkwekerijen en andere verwante zaken onderzocht. Met diverse bijlagen onderbouwt hij ook nu weer zijn betoog. Op de bovenstaande foto is hij in gesprek met Gelderlander journalist Frank Houtappels die een tijd voor de editie Maasland werkte. 

Hij stuurt dit artikel naar ons dagelijks en algemeen bestuur en andere geïnteresseerden.  

Ter aanvulling: De Raad van State zal binnenkort de uitspraak publiceren over de Zaak Gemeente Grave/Bomentelers. De Gelderlander schreef eerder al over de zitting. Zie verderop op de site.

Beste raadsleden en medelezers.

1). De kans is groot dat de Raad van State een dikke streep zet door het bestemmingsplan voor de boomteelt van de gemeente Grave. ( De Gelderlander 29 juni 2019.)

Het krantenartikel in bijlage 1 stemt tot treurnis. Ondanks dat in het kader van de reconstructie de positie en de regels voor boomkwekerijen medio 2013 zowel provinciaal als regionaal duidelijk werden afgebakend, menen de gemeente Grave en de Milieuvereniging ( al vanaf 2015) zonder aannemelijke motivering deze tak van tuinbouw tegen te moeten werken.

 Eerst werd door de milieuvereniging de bescherming van het leefgebied van de das ingezet om de bomenkwekers de voet dwars te zetten (zie bijlage 4). Het schijnargument van de Milieuvereniging werd door de Raad van State ongegrond verklaard.

Vervolgens trachtte de gemeente de bedrijfsvoering van de boomkwekers door de al meer dan duizend jaar oude, natuurlijke en effectieve bodem verbeterende, wisselteelt te beperken. Zogenaamd ter bescherming van het leefgebied van de das. De boomkwekers kregen wederom bij de Raad van State het recht aan hun zijde zoals blijkt uit bijlage 5.

Voor de derde maal moesten de boomkwekers weer hun recht halen bij de Raad van State. Dit keer, omdat de gemeente op basis van het ongemotiveerd uitbreiden van hun  vergunningenstelsel tracht de bedrijfsactiviteiten van de bomenkwekers juridisch te beperken (zie bijlage 2).

Volgens het hierboven aangehaalde krantenartikel heeft het er alle schijn van dat de Raad van State wederom de gemeente gaat terugfluiten.

2). De tijdelijke ‘Reconstructiewet concentratiegebieden’

De tijdelijke ‘Reconstructiewet concentratiegebieden’ (2002 – 2014) was bedoeld om, binnen het raam van gemeentelijke en regionale samenwerking, de streekplannen van de provincie en de bestemmingsplannen van de gemeenten zo te regelen dat er een betere balans zou zijn tussen, de belangen van de veeteelt, de land- en tuinbouw,  recreatie-/toerisme e.d. enerzijds  en de belangen van het behoud en bescherming van natuurgebieden, cultuurhistorische waardevolle gebieden, waterwingebieden, de leefbaarheid in de woongebieden, de leefomgeving van diersoorten anderzijds.

Binnen het raam van de reconstructiewet werd voor onze regio het reconstructieplan ‘Peel en Maas’ uitgewerkt door een uit ca. 30 personen tellende reconstructiecommissie. Namens de gemeente Grave nam in eerste instantie, de toenmalige wethouder Gerard Peeters zitting in de commissie, voor de Brabantse Milieufederatie (BMF) was dat dhr. G. Verstegen. Een gesubsidieerde milieuactivist.

Eén van de uitgangspunten van het reconstructieplan ‘Peel en Maas’ was; dat alle belangrijke ruimtelijke gezichtspunten in zijn geheel zouden worden afgewogen.

Binnen dat kader werden voor onze gemeente definitieve verwevingsgebieden aangewezen waar ook de boom- en vaste plantenteelt de ruimte kregen uit te breiden en zich duurzaam te ontwikkelen.  (Zie bijlage 8).

In het concept Reconstructieplan/MER Peel en Maas. Deel A; blz. 2, 3, 47, 48 en 52 wordt dat duidelijk aangegeven.

 

Verwevingsgebied

Ruimtelijk begrensd gedeelte van een reconstructiegebied, gericht op verweving van land- en tuinbouw, wonen en natuur.

3). Bijlage 2.

In bijlage 2 is de reactie te lezen van de gemeente Grave op een ingediende zienswijze van boomkweker Ebben (19/06/2015).

Uit de beantwoording van het gemeentebestuur op die zienswijze wordt, met de  kleurentabel als extra inzichtelijke informatie, duidelijk dat ondanks afspraken binnen het reconstructieplan ‘Peel en Maas’ de gemeente met extra belastende regelgeving het ondernemerschap van onze boomkwekers juridisch aan banden wil leggen.

In de kleurentabel geeft de kolom ‘buitengebied 2013’ het vergunningenbeleid aan zoals dat  in het reconstructieplan ‘Peel en Maas’ was afgesproken met het rijk, de provincie, de regio en de gemeenten.

Uit die kolom is af te leiden dat van de 19 waarden-categorieën (onderdelen ter beoordeling van bestemmingsplannen) die in het reconstructieplan ‘Peel en Maas’’waren afgesproken er 6 vergunningsplichtig waren (geel gemarkeerd),  1 als strijdige beperkende regelgeving al was opgenomen in het bestemmingsplan Buitengebied 1998 (rood gemarkeerd), 7 niet vergunningsplichtig (groen gemarkeerd) en 5 niet opgenomen waren in het eerdere bestemmingsplan Buitengebied 1998 (blanco gemarkeerd).

In 2015, nog geen jaar na de vervallenverklaring van de reconstructiewet kwam het college met een voorstel voor een nieuw bestemmingsplan Buitengebied (kolom ‘BP Boomteelt zoals behandeld in de commissie’) met daarin voor de boomteelt een sterk beperkende regelgeving waarin alle waarden-categorieën hetzij vergunningsplichtig hetzij uitgesloten werden (13 gele en 6 rode markeringen)

Na nader overleg met belangenpartijen (welke?) werd er in het voorstel versoepeling aangebracht zoals dat in de kleurentabel in de kolom ‘Huidig voorstel BP Boomteelt’  is  samengevat.   Van de 19 waarden-categorieën zijn er nu 15 vergunningsplichtig, 3 worden voor de boomteelt niet toegelaten en 1 (‘Historische uiterwaarden’)  niet opgenomen in het nieuwe bestemmingsplan

Dit laatste bestemmingsplan ligt nu ter beoordeling bij de Raad van State.

Zien we het voorgaande als een gemeentelijk machtsspelletje met de boomtelers, dan zien we dat de kleurkaarten geel en rood de groenen hebben afgetroefd. Het spel is door de gemeente knap gespeeld, maar het tekent wel de sfeer van bestuurlijk en ambtelijk wantrouwen ten opzichte van deze ondernemers.

4). Beloften LPG/CDA.

Opvallend is dat in het ‘huidig voorstel BP Boomteelt’ voor de kwetsbare ’Historische uiterwaarden’, waaronder de Emab-locatie, de boomteelt vergunningsvrij en toegelaten is. Weliswaar wordt dat gebied in de gebiedsvisie van de GBB voor woningbouw bestemd, maar die gebiedsvisie is niet geïmplementeerd in een bestemmingsplan en is bovendien gezien de geplande en door GBB gewenste hoge bebouwing strijdig met de door de gemeente gepredikte principes  van ‘open landschap’ en inbreidende woningbouw. Bouwen binnen strakke contouren, weet u nog wel!

In het “Bestuursprogramma 2018-2022’ (zie bijlage 9), het politiek-propagandistische pamflet van de LPG en het CDA wordt inzake het woningbeleid (blz.5) het volgende beloofd: “Behoudens eerder gemaakte afspraken wordt niet gebouwd in de uiterwaarden”.  Als je behalve het technisch- ook het begrijpelijk lezen beheerst dan zou je de betekenis van de voorgaande zin ook kunnen interpreteren als: “In het kader van eerder gemaakte afspraken kan er wel in de uiterwaarden gebouwd worden! 

Mijn vraag is dan ook: welke eerder gemaakte afspraken zijn er gemaakt die woningbouw in de uiterwaarden eventueel mogelijk zouden maken?

5). Opmerking en vraag tussendoor.

In 2005 werd door de toenmalige Raad van Economische Adviseurs (REA) in een advies aan de tweede kamer gesteld dat: “bureaucratisering en overregulering de dynamiek, innovatiekracht en ondernemerschap verstoren”. Zie bijlage 7.

Een lezenswaardig advies. Niet alleen toepasbaar op de wijze waarop het Graafs gemeentebestuur omgaat met de belangen van de boomtelers, maar ook toepasbaar op de alsmaar uitdijende ambtelijke regelgeving.

6). Midden en Klein Bedrijf.

Ik betwijfel of u als raad beseft dat de kleinschaligheid van de lokale economie, voornamelijk gedragen door ondernemers in het ‘Midden en Klein Bedrijf’ (MKB) door ambtelijke bureaucratisering, overregulering en incompetentie zeer kwetsbaar is.

Al jaren behoort Grave op de lijst van MKB-vriendelijkste gemeente van Brabant tot de laagst scorende. Daarmee uitstralend geen gemeente te zijn waar het ondernemerschap hoog in het politieke vaandel staat.

Boomkwekerijen vallen onder het MKB. Zij zijn al generaties lang geworteld in onze regio en hebben als innoverende agrarische bedrijfstak, nationaal en internationaal, een uitstekende reputatie opgebouwd (Zie bijlage 3).

Je zou dan ook denken dat ons politiek bestuur respect en waardering zou opbrengen voor deze ondernemers die met hun bedrijven, zowel economisch als qua werkgelegenheid, substantieel bijdragen aan de financiële positie van onze gemeente en de regio

Ik moet echter vaststellen dat van respect en waardering voor de boomtelers bij het Graafs gemeentebestuur, (helaas) geen sprake is!

7). Rekensom.

Ik mag aannemen dat raadsleden weten dat bomen niet alleen CO2 omzetten in zuurstof en hout maar ook belangrijk zijn voor de wereldwijde water- en luchtkwaliteit, biodiversiteit, bio-economie etc., etc.om de leefbaarheid van de aarde in de lijn van Gods schepping in stand houden.

Een gemiddelde boom vangt ca. 20 kg CO2 per jaar uit de lucht.

Volgens de laatste wetenschappelijke gegevens staan er wereldwijd zo’n 3.040.000.000. 000. (3,04 biljoen) bomen op aarde. Met een wereldbevolking van ca. 7,500.000.000 (7,5 miljard) mensen betekent dat gemiddeld 405 bomen per mens.

In Nederland, met ruim 17 miljoen mensen en volgens de geleerden beplant met 200 miljoen bomen zijn dat gemiddelde 11,2 bomen per inwoner. Wat betreft de natuurlijke CO2 opvang door bomen staat Nederland er dus belabberd voor. Meer bomen planten is dus een effectieve manier om de CO2 in de lucht op een natuurlijke manier te binden. Boomkweker Ebben alleen al, heeft voor zijn bedrijf ca. 500 hectare tot zijn beschikking waarop volgens mijn schatting zo’n 600.000 bomen geteeld worden. Ontegenzeggelijk draagt hij daarmee, in positieve zin, bij aan een betere water- en luchtkwaliteit in het algemeen maar zeker in de regio.  Alleen al daarom zou je verwachten dat de gemeente de bomenteelt zou faciliteren op eenzelfde niveau als ze doen met de bouwplannen van de GBB op de Emab-locatie in het stroomgebied/uiterwaarden van de Maas.

8). Twee opmerkingen.

  1. In Grave werden als bezuinigingen op het onderhoud van openbaar groen, ondoordacht en misschien wel illegitiem, her en der flink wat bomen gekapt. Maar er werden ook (massaal) struiken, hagen en andere houtige gewassen gerooid. Of liever gezegd;  met machines ruw uit de grond getrokken. Bij elkaar werd hierdoor niet alleen flink schade toegebracht aan de biodiversiteit van ons woon- en leefgebied, maar door de armoedige en slechte verzorging van de herbeplanting is er sterk bijgedragen aan het  toenemend  verpauperend aanzicht van onze gemeente. Waarschijnlijk de oorzaak dat zowel de gewenste toeristische ontwikkelingen als gewenste nieuwe bedrijfsvestigingen in Grave maar niet van de grond willen komen.
  2. Bij het verstoken van hout komt CO2 vrij. Een probleem waar de Milieuvereniging Land van Cuijk zich, althans volgens hun geloofsleer, zorgen om zou moeten maken. Echter tot mijn verbazing vond ik in de ‘De Koerier Mill’ van 23 maart 2017 een artikel met foto van Geert Verstegen, de eerder genoemde regionale Milieu activist, breed lachend voor een grote stapel brandhout staan (Zie bijlag 10). Is hier misschien sprake van een vorm van onbehoorlijke of beroepsmatige  hypocrisie? Het toont in ieder van weinig respect t.o.v. eigen milieubeginselen.

9). Tenslotte.

Als u op google de zoekopdracht “Bomen groeien sneller” intikt, dan kunt u lezen dat de natuur zelf al maatregelen in petto heeft om te (trachten) de hoge uitstoot van CO2 (door sneller te groeien)  op te vangen en om te zetten in zuurstof en hout.  Ik raad u dan ook aan bijlage 6 eens goed door te lezen. Om de natuur een handje te helpen is aanplanten van bomen een noodzaak en het kappen van bomen, uit bezuinigingsoverwegingen, in woongebieden asociaal beleid. Als er wereldwijd 1.000.000.000.000. bomen gepland moeten worden dan hebben we daar wel boomtelers voor nodig. Ik raad u aan bijlage 6eens goed door te lezen. Als er wereldwijd, zo wie zo, 1.000.000.000.000. bomen gepland moeten worden, waarvan ettelijke tientallen miljoenen in Nederland dan zijn boomtelers dan hebben we daar wel boomtelers voor nodig.

In Cuijk en Mill wordt dat goed begrepen. Helaas zijn wij in Grave nog niet zo ver. In- en intriest!!

Vindt u dat ook? Zouden Roolvink en de wethouders dat ook vinden? De milieu activist Verstegen in ieder geval niet!

M.v.g. Wil Baaijens,

www.gravepolitiek.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: