Wil Baaijens reageert op besluiten Frank Stoffer en reacties daarop!

Naar aanleiding van de ingezonden stukken van lezers alsmede het hoofdredactioneel commentaar
“Afscheiding” op de opiniebladzijde van de Gelderlander van 31 augustus 2013 wil ik het navolgende
opmerken.

1E. De kieswet sluit niet uit dat een raadslid zich afsplitst van zijn partij. De wet spreekt zich niet uit
over de mogelijkheid dat raadslid blijft zitten als ‘onafhankelijk raadslid’. Uitgangspunt van ons
kiesstelsel is dat volksvertegenwoordigers op persoonlijke titel worden gekozen en benoemd. Het
kiesstelsel spreekt over volksvertegenwoordigers en niet over partijvertegenwoordigers. Dit
uitgangspunt is gebaseerd op artikel 27 van de gemeentewet, waarin bepaald is dat elk bindend
mandaat van een lid nietig is. De binding aan een partij kan en mag dus geen belemmering zijn om
binnen de marge van het eigen geweten raadslid/volksvertegenwoordiger te zijn en mag evenmin
leiden tot partij- of fractiedwang’. Het is de individuele volksvertegenwoordiger die een mandaat van
de kiezer heeft gekregen. De volksvertegenwoordiger heeft daardoor impliciet de mogelijkheid om
tussentijds van fractie te veranderen of zelfstandig verder te gaan. Frank Stoffer heeft in zijn
interview heel transparant en open aangegeven waarom hij zijn keus heeft gemaakt. Daar kan je
moeite mee hebben maar het is geheel legitiem. Binnen de kieswet bestaan geen regels tegen
afsplitsing en de term “fractie” is zelfs niet terug te vinden in de kieswet, de gemeentewet of andere
wetten. (bron: Vereniging Nederlandse Gemeenten)

2e. Sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw is een politieke interpretatie dominant die er van uit
gaat dat de zetel van het raadslid/volksvertegenwoordiger eigendom is van de politieke partij op wier
kieslijst deze persoon een plaats heeft. Afscheiding van de fractie wordt gezien als zetelroof. Deze
politieke filosofie staat echter haaks op het democratisch uitgangspunt van ons kiesstelsel dat
volksvertegenwoordigers op persoonlijke titel worden gekozen en benoemd en dat de invulling van
hun raadslidmaatschap uiteindelijk een persoonlijke keus is. Als het geen persoonlijke keus zou zijn,
zou een gekozen raadslid/volksvertegenwoordiger door het keurslijf van de fractiediscipline een
belangrijk deel van zijn onafhankelijkheid in moeten leveren en zou het partij-/fractieprogramma en
niet zijn persoonlijk geweten voor hem leidend zijn. Dan is er geen sprake van democratie, maar een
‘particratie’.

3e. Het interview in de Gelderlander met Frank Stoffer was, naar mijn mening, goed en helder. Het
commentaar op de opinie bladzijde vond ik van aanzienlijk lager journalistiek gehalte en dan druk ik
me terughoudend uit.

M.v.g. Wil Baaijens 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: