4 sep. 2017

Wil Baaijens schrijft een Open brief aan de raadsleden van de gemeente Grave.

Wil Baaijens in gesprek met Frank Houtappels, journalist van de Gelderlander die tegenwoordig "over de Maas" werkt.

Geachte raadsleden,                                               Grave 4 september 2017.   

In het kader van de nieuwe politieke normen van waarheid, openheid en transparantie zou ik graag van u wat duidelijke antwoorden willen hebben n.a.v. het artikel: “Gemeenteraad Grave stemt in met Kadernota”, op de gemeentepagina in de Graafse Courant van 18 juli 2017.   

1.Wethouder Joon (VVD) schrijft: “Via de kadernota bepaalt de gemeenteraad op hoofdlijnen wat er de komende jaren gebeurt in de gemeente en hoe het beschikbare geld wordt besteed”, en “We hebben bij het vaststellen van de kadernota een meerjarig sluitende begroting”.

a) De Planning en Control cyclus van het gemeentebeleid bestaat, simpel gesteld, uit de volgende elementen: Begroting, Burap’s, Kadernota en Jaarrekening.

b) In de Kadernota worden aan de hand van de Jaarrekening van het voorgaande jaar en gegevens uit de Burap’s de politiek/ bestuurlijke beleidslijnen met de daarbij horende kosten voor de komende vier jaren uitgezet. Het betreft dus een voorlopige opstelling

c) De kadernota wordt door de ambtelijke organisatie verwerkt tot een begrotingsdocument waarin de politieke beleidsplannen en de daarbij horende kosten/lasten definitief worden vastgelegd. De begroting kan dan ook afwijken van de kadernota. De Kadernota is dus te kwalificeren als een politiek discussie document dat dient als basis voor de programmabegroting van de raad

d) Het is aan het resultaat van de gevoerde begrotingsdebatten en het daaraan gekoppelde budgetrecht, dat de raad de begroting als politiek beslis document aanneemt, afwijst of wijzigt en bepaalt of er wel of niet sprake is van een meerjarige sluitende begroting. Als de wethouder bij de  Kadernota al meent te kunnen vaststellen dat er sprake is van een meerjarige sluitende begroting  is dat een voorbarige conclusie waartoe hij bovendien geen bevoegdheid heeft. Mag ik dat zo stellen? 

De burger mag hopen dat in de komende vier jaar naast oud beleid, door de wethouder beschreven als:” Voortbouwen op ingezette koers en projecten afsluiten”, er ook sprake zal zijn van nieuw beleid. De planning en kosten van dat nieuwe beleid zal bij de aanstaande begrotingsdebatten besproken en met de burgers gecommuniceerd moeten worden. Uiteindelijk zijn zij/wij die de rekening van het gemeentelijk politiek beleid op zullen moeten hoesten. Een en ander valt dan ook niet te rijmen met de uitspraken van Joon: 

De gemeenteraad van Grave heeft de kadernota zonder nieuw beleid vastgesteld. Wethouder Joon: “Het college heeft nieuw beleid als een soort denkraam meegegeven, maar niet financieel verwerkt in de kadernota
Mag ik veronderstellen dat in de komende begrotingsdebatten de burgers alsnog op de hoogte worden gesteld van de plannen en de daaraan gerelateerde kosten van nieuw beleid? Of is er geen nieuw beleid? Graag uw mening. 

 Volgens wethouder Joon: “Met een spaarpot van ruim €13 miljoen is de gemeente op dit moment voldoende in staat om eventuele risico’s op te vangen”. Mijns inziens is de term “Spaarpot” boekhoudkundige kletskoek. 
 Volgens Wikipedia; “is een Spaarpot of spaarvarken een hol voorwerp dat gebruikt wordt om geld (…) te bewaren zonder het op een rekening te zetten. (…..) Het nadeel van een spaarpot ten opzichte van een spaarrekening op de bank is dat men geen rente ontvangt en dat men geen overzicht heeft van inkomsten en uitgaven: aan de buitenkant is niet te zien wat de inhoud van een spaarpot is”. Wat betreft die uitleg is voor Grave de term “Spaarpot” misschien toch wel te billijken. 

Het heikele punt in het beoordelen van de jaarrekeningen door burgers is de onduidelijkheid over de begrippen; eigen vermogen, reserves, het jaarlijks resultaten van Baten en Lasten en dergelijken. En wat die begrippen precies inhouden en zich tot elkaar verhouden.
In de publicatie van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten: “De wondere wereld van de gemeentefinanciën”, staat op blz. 38 en 39 daarover het volgende te lezen:
• “Het eigen vermogen bestaat uit de reserves en het saldo van de rekening (gemeentelijk jaarresultaat),

• Reserves ontstaan door overschotten op de balans of worden planmatig gerealiseerd voor een bestedingsdoel. De reserves zijn geen echt geld.  Ze zitten vast in de bezittingen. Reserves zeggen dus niets over de investeringsruimte van een gemeente. Als een gemeente nieuwe investeringen wil doen, moet de gemeente geld op de bankrekening hebben staan. Als dat niet het geval is, moet de gemeente een lening afsluiten.

• Het saldo van de rekening is het behaalde resultaat (overschot of te kort) van het vorige jaar. Ook wel bekend als het gemeentelijk jaarresultaat. (In de Graafse jaarrekeningen wordt dit benoemd als resultaat van baten en lasten.)

Gezien het voorgaande lijkt me dat het door de wethouder gehanteerde begrip “Spaarpot” en de inhoud van € 13 miljoen ervan, nadere duidelijkheid behoeft. Mijn vraag is: Bent u dat met me eens? 

Ik heb nog wat meer vragen over de kadernota en wil die graag in een volgende e-mail aan u stellen.  

Met vriendelijke groet.
Wil Baaijens


Geen opmerkingen: